model: rechthoekig zitraam op 4 naar buiten gewelfde kelkvormig uitlopende lage poten; de rugleuning heeft bij de hoeken gebogen eindigingen en heeft bovenaan een ronde rand; de zijleuningen zijn lager en voluutvormig naar buiten gewelfd; bekleding: groen gestreept trijp op zitraam en rug, waarvan de bovenkant is vrijgelaten en binnen en buitenzijde der zijleuningen; bovendien 2 cylindrische sluimerrollen; stijl: Biedermeier (laat, al overeenkomsten met Jugenstil).