1) bandhaak; lange houten staaf met ijeren haak; l50; 2) houweel; l17 3) raspel of raspvijl; l38; 4) passer; l17; 5) 2 uitwinders (uitsnijder) in gebruik bij het maken van gaten in de stijlen van knopstoelen om de scheien in te plaatsen; l17; 6) 2 scheppen, 1 gebogen, 1 recht; l25 en 29; 7) merkhamer; werktuig om naamletters in het hout te slaan; als dit in het gelegd werd, voordat dit verwerkt werd; l39; 8) boomrits; werktuig om naamletters in de bast van bomen te zetten; 3 stuks + stuk hout; gemerkt AVM (A.Voortman); l19. Ook twee kleine houwelen met houten handvat.